|
Centrum van Opsterland 
Gorredijk(Gordyk), eigenlijk heeft het dorp, tegenwoordig het grootste in de gemeente Opsterland, in ruim tachtig jaar sinds de eeuwwisseling zijn verstreken een merkwaardige geschiedenis doorgemaakt. Oud-Gorredijksters zullen er over kunnen meepraten: over de nog welvarende tijden in het begin van de 19e eeuw, toen Gorredijk een echte handelsplaats was; een centrum voor handel voor omliggende streken. Ooit sterker en groter dan concurrenten als Drachten en Heerenveen...
Het was een welvaart die niet bleef. De turfgraverij in de omliggende venen beleefde al voor de eeuwwisseling zijn hoogtepunt en zakte omstreeks 1900 snel ineen; arbeiders werkloos en winkeliers zonder nering achterlatend. Het begin van de twintigste eeuw betekende voor Gorredijk de inzet van een periode van verval. De boterwaag verdween, immers, de zuivelindustrie maakte zo'n centrum van boerenhandel overbodig. De graanbeurs kon het niet bolwerken: toen de 'grote stad' Leeuwarden zijn beurs kreeg, zakte de belangstelling voor kleinere beurzen als die van Gorredijk snel ineen...

Gorredijk maakte in de eerste decennia van de vorige eeuw een diepe crisis door. Dat was duidelijk te merken aan de daling van het aantal inwoners: het liep terug van 1767 in 1880 tot 1477 in 1922. Illustratief voor de economische crisis die het dorp teisterde was wel het vertrek van de afstammelingen van het oude volk: de joden. Ooit in Gorredijk gekomen omdat er handel te drijven viel, ooit een belangrijk deel van de Gorredijkster bevolking.
Het wegvallen van die handel betekende het vertrek van de joodse bevolkingsgroep: binnen enkele decennia kelderde hun aantal. Door de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog verdween deze groep helemaal uit de Gorredijkster samenleving.....
Maar de Gorredijksters vochten terug. De economie van de veenkolonie mocht dan verdwenen zijn, de economie van het streekcentrum kwam hiervoor in de plaats. Handel en nijverheid zorgden ervoor dat Gorredijk aantrekkelijk bleef als handels- en streekcentrum.
Vooral in de naoorlogse jaren kwam Gorredijk weer in de lift. Er werden nieuwe bedrijven gevestigd; bestaande ondernemingen groeiden. 'Import' kwam de bestaande bevolking versterken, de samenvoeging met Kortezwaag hielp een handje mee; de bevolking groeide in de naoorlogse jaren naar ruim 7000. In het begin van deze eeuw was het een 'rood' dorp.
De aanhang van socialistische groeperingen was groot. Domela Nieuwenhuis, Pieter Jelles Troelstra, ze konden op hun vaste trouwe aanhang rekenen, evenals Opsterlandse socialisten als de vermaarde Geert Lourens van der Zwaag en Rindert van Zinderen Bakker.
De woelingen in de veenkolonien, tegen het eind van de 19e eeuw, trekken nog steeds hun sporen in het politieke leven van vandaag. Maar de scherpste kanten zijn daar van af.
De tijd dat christelijke groeperingen in Gorredijk met huiver en afschuw werden bekeken is voorbij. De verhoudingen zijn mider scherp geworden. Dat alles is veranderd in tachtig jaar.
Er veranderde meer. Gorredijk groeide uit haar oude maten. Het dorp werd binnen enkele decennia groter dan het in de ruim 350 jaar van haar bestaan ooit was geweest.
Nieuwbouwwijken verrezen op de plaats waar ooit veen werd afgegraven, waar later boeren hun weilanden en akkers hadden. Ook in de kom van het dorp gingen de veranderingen van de nieuwe tijd niet ongemerkt voorbij. Ooit was er sprake van om die kom van het oude dorp maar helemaal 'om' te gooien. Om de oude Compagnonsvaart maar te dempen en er een verkeersweg of een 'groenzone' van te maken.
Die ingrijpende verandering is Gorredijk gelukkig bespaard gebleven.
|